Publicaties

De broedvogels van het Meridiaanpark te Almere in 2016

 

25 augustus 2016

Ed ter Laak

Lilastraat 1

1339 AG ALMERE

e-mail: edterlaak@kpnmail.nl

 

In 2016 heb ik voor het twaalfde achtereenvolgende jaar de broedvogels van het Meridiaanpark in de Regenboogbuurt van Almere Buiten gemonitord volgens de “Handleiding SOVON Broedvogelonderzoek” (eerste druk, SOVON, 2011). Er zijn elf ochtendbezoeken afgelegd in de periode 13 maart – 19 juli, startend één uur voor zonsopgang en twee nachtbezoeken die ’s avonds werden afgelegd, 1½ uur na zonsondergang. Voor het eerst liepen meestal enkele geïnteresseerde buurtbewoners mee: Michiel en Carmen Dieben, Marian Vogt en Trix Grooff.

Het weer van winter 2015-2016 en voorjaar 2016

De winter van 2015-2016 was zeer zacht, de op een na zachtste sinds 1706 (de winter van 2006-7 was de allerzachtste). Er was geen enkele ijsdag (maximumtemperatuur lager dan 0,0 °C). Het aantal vorstdagen, dagen waarop de minimumtemperatuur onder het vriespunt komt, bedroeg in De Bilt 21 tegen 38 normaal.

De lente kwam juist laat op gang maar eindigde warm. Maart en april waren vrij koud. Mei was zeer warm, waar er waren tussen zeer warme perioden ook uitermate koele dagen. Deze drie maanden waren veel zonniger dan normaal. Juni was warm, maar heel nat.

 

Plantengroei in 2015

Door de warme november en december lag de plantengroei op zes weken voorsprong. Deze voorsprong in de natuur liep in maart en april terug tot twee weken en was begin mei gelijk aan het gemiddelde van de afgelopen 15 jaar.

De groei van het bloemrijke grasland begon in april. Dit jaar viel weer op dat de rietgroei in het rietland in de gemaaide delen dichter en veel hoger was dan in de niet gemaaide delen; de bruine toppen van het niet gemaaide riet bleven tot ver in de lente zichtbaar.

 

Beleid augustus 2015– augustus 2016

Begin februari 2016 kregen de omwonenden van de Meridiaan een brief van de Gemeente, in maart gevolgd door de folder ‘Kwaliteitsimpuls Meridiaan’. Hierin werd de grote opknapbeurt van de gehele Meridiaan, dus ook het Meridiaanpark, aangekondigd die gepland staat voor nazomer 2016 tot en met eind 2017. Het park gaat voor een deel op de schop. Bomen worden vervangen; besdragende struiken en heggen worden geplant. Het voetpad ‘de Lange loper’ gaat door de gehele Meridiaan lopen; in augustus 2016 is met de aanleg hiervan naast de Havenkom begonnen. Het bloemrijke grasland wordt opnieuw ingezaaid, o.a. met Bijenbrood (Phacelia tanacetifolia). Daar doorheen zullen enkele voetpaden worden aangelegd. Voorlopig komt er geen nieuwe bebouwing. Bewoners konden op 21 maart 2016 een inloopmiddag en –avond bezoeken om te worden bijgepraat en een inbreng te geven. Veel bewoners hebben hiervan gebruik gemaakt.

 

Beheer

In september 2015 is weer het hele areaal bloemrijk grasland gemaaid en het maaisel afgevoerd. Door de beheerder en aannemer van het groenonderhoud zijn deze winter weer vijf plekjes niet gemaaid om een betere start te krijgen van het insectenleven in het voorjaar. Drie ervan werden weer bezet door de Bosrietzanger.

In de winter is de krappe helft van het rietland gemaaid, dat het afgelopen jaar niet gemaaid is. Meer dan de helft van het rietareaal bestond dus uit overjarig riet.

Van de rietoevers is ruim de helft gemaaid, min of meer de delen die vorig jaar niet zijn gemaaid. Een groot deel van de oever aan de Fluittocht in het noordelijke deel van het park en de oever aan de Lage Vaart is echter, evenals vorig jaar, weer gemaaid.

De bestrijding van de Reuzenberenklauw lijkt succes te hebben gehad. Er kwamen in totaal nog maar enkele tientallen planten op. Na melding van de waargenomen planten aan de beheerder werden deze direct verwijderd. Het deel van het bloemrijke grasland dat vorig jaar enkele keren was omgespit ten behoeve van de bestrijding van de Reuzenberenklauw leek begin mei nog op een grasveld terwijl in het deel ten zuiden van het Gerard Monninkpad het koolzaad al stond te bloeien. De soorten broedvogels die in het bloemrijke grasland broeden, waren hierdoor op achterstand gezet. Enkele weken later stond ook hier het koolzaad te bloeien. Begin juni is dit deel echter gemaaid (mogelijk als bestrijding van de Reuzenberenklauw), maar in juli stond hier de Gewone berenklauw massaal te bloeien.

 

In mei ondergingen de laanbomen aan het Derkinderenpad een tijdelijke opkroning. Later zal een definitieve opkroning volgen. Waarom deze werkzaamheden midden in de broedtijd moesten plaatsvinden met bovendien de bomen vol in blad, is mij niet duidelijk. Buurtbewoners hebben zich hieraan geërgerd en hebben geklaagd bij de gemeente. Net als vorig jaar bij het riet maaien werd gesteld dat rekening gehouden werd met de Flora- en Faunawet: er werd eerst naar nesten van broedvogels gezocht. Dit is geen valide argument, want nesten zijn alleen met veel moeite te vinden. Ik moet de grote nesten van Ekster en Zwarte kraai inventariseren als de bomen nog kaal zijn. Deze voor mij bekende nesten kan ik soms in de bebladerde bomen niet meer terugvinden! Er zullen dus nauwelijks nesten gevonden worden en zeker de nesten van de kleinere soorten vogels zullen niet worden opgemerkt.

 

De rest van het park kende het normale onderhoud. Het convenant met de Gemeente Almere is verder goed nageleefd.

 

Resultaten

Zie Tabel 1 voor de ontwikkeling van het aantal territoria vanaf 2005.

 

Discussie

Het aantal soorten broedvogels en het aantal territoria was dit jaar aan de lage kant.

De standvogels Winterkoning en Roodborst hebben geprofiteerd van weer een zachte winter. Het aantal territoria van de Roodborst is dit jaar spectaculair verdubbeld naar 8. De Heggenmus werd nauwelijks gehoord; met moeite kon er één territorium vastgesteld worden. Zoals elk jaar is deze soort in de woonwijken veel algemener. Net als diverse voorgaande jaren zong de Zanglijster uitbundig in het vroege voorjaar, maar binnen de datumgrenzen voor deze soort (vanaf 20 april) werd hij niet meer gehoord. De Merel bleef met 8 territoria gelijk aan vorig jaar.

De mezen deden het slecht dit jaar. Beide soorten evenaarden de minimum aantallen van de hele telperiode van 12 jaar. Verder was opvallend dat de Vink goed vertegenwoordigd was, maar dat de Groenling maar één territorium had.

Zowel van Zwarte kraai als Ekster werden 6 territoria vastgesteld door het vinden van 6 nesten van elke soort. Het aantal eksternesten met eieren is moeilijk te bepalen omdat de broedende vogels lastig zijn te zien en omdat Eksters ook speelnesten hebben die ze bezoeken. Broedende Zwarte kraaien zijn altijd goed op te merken. Dit jaar lagen twee nesten op slechts 50 meter afstand van elkaar.

Zwartkop en Tjiftjaf waren er in de normale aantallen. De Tuinfluiter was dit jaar voor het eerst afwezig. Begin mei werd op drie plekken een zingend exemplaar waargenomen; kennelijk waren dit doortrekkers. De Fitis verdween al eerder als broedvogel, al moet gezegd worden dat er in het Robijnplantsoen vlak naast het Meridiaanpark een territorium was.

De Grote bonte specht had zeker één territorium en mogelijk zelfs twee territoria. Een buurtbewoner wees mij op de nestholte van waaruit de jongen riepen; hij kon het nest vanuit zijn woonkamer zien!

Van de recente nieuwkomers had de Boomkruiper nu twee territoria. Ook buiten het broedseizoen wordt de roep van deze standvogel steeds vaker gehoord. De Appelvink werd wel een paar keer gehoord, maar er kon geen territorium worden vastgesteld.

Begin mei werd een luid roepend mannetje Sperwer in het park waargenomen, maar deze eenmalige waarneming was voor deze soort te weinig om van een territorium te kunnen spreken. Eind juni ving een hoog aanvliegende Sperwer een Huiszwaluw uit de groep die onder de brug over de Lage Vaart nestelt (eind juli werden daar 32 bewoonde nesten geteld) en vloog er mee door. Ongetwijfeld broedt de soort in de omgeving van het park.

De Groene specht heb ik net als vorig jaar niet meer gezien; buurtbewoners hebben de soort in de directe nabijheid van het park wel waargenomen. Ook de Ransuil is niet meer waargenomen.

De Witte kwikstaart werd eenmaal overvliegend waargenomen, eind maart, te weinig voor een territorium.

 

In het rietland en de rietranden waren er dit jaar weer slechts 15 territoria van de Kleine karekiet, ondanks dat het riet er goed bij stond. Enkele plekken waar de soort voorheen een territorium had, bleven nu onbezet. De overige rietbewoners lieten erg lang op zich wachten. De Rietgors begon pas eind mei te zingen; gelukkig konden er twee territoria worden vastgesteld. De Blauwborst werd alleen eind juni zingend aangetroffen, maar was daarmee goed voor één territorium. Mogelijk hadden deze soorten nog de naweeën van de verstoring in 2014 of ze misten aanvankelijk de plantengroei van een groot deel van het bloemrijke grasland dat laat opkwam en bovendien nog een keer gemaaid is. De Blauwborst ontbrak bovendien aan de overkant van de Lage Vaart, een plek waar de soort elk jaar werd gehoord. Dat de Bosrietzanger 7 territoria had, was in dat licht een meevaller en ook dat de Grasmus na een jaar afwezigheid toch weer twee territoria had. De Bosrietzanger broedde in drie van de vijf overgebleven, dus niet gemaaide, stukjes grasland van 2015. Ook de Sprinkhaanzanger meldde zich nog op het nippertje: pas begin juli zongen maar liefst twee exemplaren de hele ochtend, waarmee deze soort dit jaar een mooie score behaalde van twee territoria. Tijdens het volgende bezoek werd op één van de zangplekken een heel afwijkende zang gehoord. Met inschakeling van Ton Eggenhuizen kwamen we uit op de zogenoemde jingling song die voor deze soort beschreven is. De betekenis van deze zang (territoriumhoudende man?, jonge, oefenende man?) is nog niet bekend. Weer een bezoek later werd op dezelfde plek de normale zang gehoord. Een opname van de jingling song is gedeponeerd in de database van Xeno-canto (www.xeno-canto.org) onder nummer XC329761.

De Koekoek werd slechts één keer roepend in het park gehoord en bleef doorgaans op grotere afstand van het park dan in voorgaande jaren het geval was. Van de Kneu was er één waarneming van twee paren met zang in het meest zuidelijke bloemrijke grasland van het park.

 

Er is nu een begin gemaakt met de grote opknapbeurt van de Meridiaan. Het park zal deels op de schop gaan en verjongd worden. Mogelijk zal dat komend jaar voor een aantal soorten nadelig uitpakken, maar daarna zijn er volop nieuwe mogelijkheden voor de broedvogels.

 

Loading...